NIEUW: “Vier seizoenen in Zuidplas” geschreven door Jan Peter Teeuw t.g.v. 10 jaar fusiegemeente Zuidplas.

Eind 2019 hebben wij musicus Jan Peter Teeuw in opdracht van onze organisatie muziek geschreven t.g.v. 10 jaar fusiegemeente Zuidplas. De opdracht die wij hem gaven was om de dorpen die binnen deze gemeente horen, muzikaal weer te geven. Maar ook een aantal kenmerken die bij deze dorpen en gemeente passen. Afgelopen zomer 2020 is dit klaar gekomen in 4 delen van totaal ca. 12 minuten muziek.

Hieronder lees je zijn toelichting op de muziek:


In elk deel heb ik iets van de karakteristieken van de gemeente of één van haar kernen uit proberen te drukken, met daarnaast ook een algemene ‘sfeertekening’ van het betreffende seizoen. Daarnaast zijn in de delen twee, drie en vier de namen van gemeente Zuidplas en de vijf plaatsen die daaronder vallen omgezet in noten, en zo muzikaal verwerkt. Hieronder staan deze thema’s weergegeven, met daarna een korte omschrijving van elk jaargetijde.

Deel I – Lente

Dit deel begint als een pastorale, een zgn. ‘herderszang’. De natuur ontluikt, en ook de kalfjes en lammetjes mogen de wei weer in: de pastorale gaat over in een opgewekte wals. Als melodie klinkt ‘De winter is vergangen’ en, omdat in de lente ook Koningsdag en 4 en 5 mei worden herdacht en gevierd, vervolgens het Valerius-lied ‘Komt nu met zang’. Tot slot komt het eerste pastorale-thema weer terug.

Deel II – Zomer

Dit deel is in A-B-A-vorm geschreven. Het A-thema doet door het ragtime-ritme enigszins ‘Amerikaans’ aan, het B-thema klinkt wat ‘Hollandser’. Het geheel beeld vooral de ontspanning van de zomer uit: terrasjes, tochtjes op de ringvaart en de Hollandsche IJssel, vakantie…

In dit deel zijn de namen Zuidplas, Moordrecht en Nieuwerkerk verwerkt.

Deel III – Herfst

Het derde deel kent twee thema’s: een ingetogen thema in 6/8e-maat, en een wat uitbundiger thema in vierkwartsmaat. Het eerste thema laat horen dat na de uitbundige zomer de natuur zich nu weer ‘terugtrekt’. Het enigszins repeterende en ‘draaiende’ karakter van deze melodie beeldt ook de molens uit gemeente Zuidplas uit – de vier molens bij gemeente Zevenhuizen worden wel het ‘Klein Kinderdijk langs de A12’ genoemd. Het tweede thema past meer bij het Oogstfeest, dat jaarlijks in september in Zevenhuizen wordt gevierd, en geeft ook iets weer van de bedrijvigheid wanneer in september het verenigingsseizoen weer begint. Het stuk eindigt met een dalende lijn naar een lage Bes: een uitbeelding van het laagste punt van Nederland, dat gelegen is in de gemeente Zuidplas.

In dit deel zijn de namen Moerkapelle, Oud Verlaat en Zevenhuizen verwerkt.

Deel IV – Winter

Het laatste deel van deze suite begint met tien rustige maten, waarin in de eerste noten opnieuw de naam Zuidplas is verwerkt. Dit rustige thema vormt een opmaat voor het eigenlijke stuk: een feestelijke mars, waarin twee winterse feesten aandacht krijgen: Sinterklaas en Kerst. Van beide feesten worden (soms in een alternatief ritme) enkele bekende melodieën en thema’s gebruikt, waarna het beginthema van de mars weer terugkomt. Dit loopt uit in de eerste regel van een overbekend kerstlied, gevolgd door een kort, virtuoos coda dat teruggrijpt op het slot van deel twee, de zomer.

Jan Peter Teeuw